Grensoverschrijnende samenwerking

België was één van de eerste buurlanden waarmee Frankrijk samenwerkte. Deze grensoverschrijdende samenwerking is ook een van de nauwste en meest dynamische dat Frankrijk heeft met haar buurlanden. Ze draagt bij tot een het vormen van een duurzaam Europa waarin de burger zich betrokken voelt.

De grensoverschrijdende samenwerking komt tegemoet aan de noden van de bevolking die steeds mobieler is. Voor de bevolking is de grens immers enkel een wettelijke formaliteit. Ongeveer 25 000 burgers uit Frankrijk pendelen dagelijks naar België om er te werken, omgekeerd zijn dat er 5 000. De samenwerking beslaat verschillende gebieden: infrastructuur (spoorweg, weg, kanaal), economische ontwikkeling, samenwerking tussen clusters, wetenschappelijke en academische samenwerking, administratie, gezondheid, sociale zaken, milieu, stedenbouw, civiele veiligheid en openbare orde. Alle publieke factoren zijn eveneens betrokken: de staat, streken, departementen / provincies, gemeentes, intercommunalités (samenwerkingsstructuur tussen gemeenten), economische actoren, verenigingen, etc.

1- Een wettelijk ontwikkeld kader organiseert de samenwerking:

Om aan de nood van de lokale actoren tegemoet te komen werd er op 16 september 2002 in Brussel een gedecentraliseerd grensoverschrijdend samenwerkingsverdrag ondertekend met het Koninkrijk België en de regeringen van de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest, de Franse Gemeenschap en het Waalse Gewest. Het akkoord werd geratificeerd door alle partijen en zo was het mogelijk om een juridisch kader te voorzien voor de relaties tussen lokale Franco-Belgische betrekkingen.

Op 10 mei 2004 werd er ook een algemene samenwerkingovereenkomst ondertekend tussen Frankrijk en het Waals Gewest. Deze overeenkomst zorgt voor een kader voor de Franco- Waalse samenwerking bij alle bevoegdheden van Wallonië. De Franco-Belgische politie- en douanesamenwerking ontwikkelt zich gestaag en is gebaseerd op het akkoord van Doornik. Het akkoord werd 5 maart 2001 ondertekend en leidde ook tot de inhuldiging van een centrum voor politie- en douanesamenwerking in Doornik. In 2011 trad er ook een samenwerkingsovereenkomst in werking ter bevordering van de verkeersveiligheid. Deze overeenkomst moet de vervolging van strafbare feiten op de weg vergemakkelijken.

2- Deze samenwerking behoort ook tot de Europese Groepering voor Territoriale Samenwerking (EGTS) onder de EG verordening van 5 juli 2006.

De eerste EGTS was de Eurometropool Rijsel-Kortrijk-Doornik. Deze groepering werd 28 januari 2008 opgericht om de ontwikkeling en het beheer van de Franco-Belgische bevolking over de grenzen te vergemakkelijken. Er leven ongeveer 2 miljoen inwoners in deze zone.
De EGTS West-Vlaanderen/ Flandre-Dunkerque Côte d’Opale werd 3 april 2009 opgericht. Er volgde een platform voor grensoverschrijdende samenwerking voor verschillende sectoren (bevolkingsdiensten, gezondheid, cultuur). Aan het oosten van de grens groepeert de EGTS ‘de Grote regio’ de samenwerking tussen België, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg. Later zal er ook nog een permanent secretariaat worden opgericht onder de vorm van EGTS. De politieke dialoog en de betrekkingen tussen lokale overheden worden ook versterkt tussen Belgisch en Frans Henegouwen en tussen de grensstreek van Wallonië en Champagne-Ardenne.
De Europese Unie verleent financiële steun aan de territoriale samenwerking in het kader van het regionaal beleid via INTERREG-programma’s: Interreg IV France-Wallonie-Vlaanderen. Er is een budget van ongeveer 276 miljoen euro waarvan 138 miljoen Europese medefinanciering is.

3- Het Ministerie van Buitenlandse zaken zet zich vooral in via de Brusselse Ambassade voor de ontwikkeling van deze samenwerking: de controle en opvolging van projecten in het veld, het begeleiden en stimuleren van de samenwerking via thematische benaderingen (internationalisatie van de concurrentiepolen, het uitdiepen van wetenschappelijke en academische samenwerking door de in werking stelling van gezamenlijke masters en de ontwikkeling van dubbele diploma’s) en ook via sectorale benaderingen (de ontwikkeling van grensoverschrijdende projecten tussen Wallonië en de Champagne-Ardenne regio).

In het najaar van 2010 is er een orgaan opgericht binnen de Ambassade die de grensoverschrijdende samenwerking moet opvolgen. Dit centrum vergemakkelijkt de interministeriële coördinatie voor de opvolging van de verschillende acties. Behalve de kanselarij associeert dit centrum de Dienst Culturele Actie en Samenwerking, de economische regionale dienst, Ubifrance, het Frans agentschap voor internationale investeringen, Atout France, de attaché voor binnenlandse veiligheid en de fiscale attaché van de Ambassade. Dit orgaan komt maandelijks samen.

Gepubliceerd op 22/06/2012

bovenaan de pagina